Een rood gifkikkertje met blauwe pootjes, een slapende tarantula en krokodillen van vier meter lang – in Costa Rica is de natuur nooit ver weg. Tussen Caribische stranden, mistige bergbossen en vulkanische landschappen reis ik door een land dat zijn regenwoud niet alleen wist te redden, maar er ook zijn grootste trots van maakte.



Foto: Monique van Gaal
Pura Vida
Het is even de vraag of ik Cahuita wel kan bereiken: door zware regenval is een rotsblok van maar liefst 2500 ton op Route 32 terechtgekomen. Via een flinke omweg over de noordelijke route bereik ik vroeg in de avond alsnog het lieflijke dorp aan de Costa Ricaans ‘Pura Vida’ jasje, is onmiskenbaar aanwezig in de gezellige barretjes en restaurantjes. Ik ben hier om Cahuita Nationaal Park te bezoeken. Een uniek stuk regenwoud, ingeklemd tussen witte en donkere zandstranden aan een onstuimige zee en de weg naar het toeristische kustdorp Puerto Viejo.



Foto: Monique van Gaal
In slakkentempo volg ik het acht kilometer lange pad, dat deels uit een houten boardwalk bestaat, en tuur om de paar meter naar de boomtoppen. Mijn geduld wordt ruimschoots beloond met een zich traag voortbewegende luiaard, toekans, brulapen, reigers en hondsbrutale kapucijnaapjes.



Foto: Monique van Gaal
Kikker in Spijkerbroek
De huurauto laat ik achter in La Pavona – hier stopt de weg – vanwaar ik met een bootje door de met dichte jungle omgeven lagunes naar Tortuguero zoef. De komende drie nachten slaap ik in een eenvoudig huisje aan het water. Achter de tuin, vol bijzondere vogels en een enorme huisleguaan, ligt het verlaten strand, waar schildpadden in de zomer hun eieren leggen (tortuga betekent schildpad). Zwemmen is strikt verboden: verschillende soorten haaien gedijen goed in de sterke stroming.



Foto: Monique van Gaal
Vanaf de Cerro Tortuguero, met 119 meter de hoogste ‘berg’ aan de Caribische kust, heb ik een geweldig uitzicht. Wel even oppassen dat ik niet op een blue-jeans frog stap – een rood gifkikkertje met fel-blauwe pootjes. De volgende morgen sta ik vroeg op voor een kanotocht door de lagunes, om vervolgens de Jaguar Trail te lopen. Ik spot het ene na het andere dier, maar deze katachtige laat zich niet gemakkelijk zien.



Foto: Monique van Gaal
Ooit de meest actieve vulkaan
Ik heb geluk, want op menige andere dag gaat El Arenal achter een dik wolkendek schuil: vanuit mijn appartement kijk ik recht uit op de ooit meest actieve vulkaan van het land. Ik verblijf in La Fortuna, een toeristisch dorp met legio fijne restaurants, maar helaas ook een overdaad aan SUV’s. Heerlijk rustig is het daarentegen tijdens een wandeling op de gemarkeerde paden van Mirador el Silencio, pal aan de voet van de meest fantastische uitzichten.



Foto: Monique van Gaal
Aan de oever van de Laguna de Arenal strijk ik neer op het terras van Fusion Arenal voor een romige latte. Met het blauwe meer op de voorgrond komt de vulkaan nog beter tot zijn recht. Rondom de hete bronnen van La Fortuna zijn tal van thermale badcomplexen aangelegd; ware pretparken soms. Ik kies voor Ecotermales, kleinschalig en omringd door een muur van onaangetast groen.



Foto: Monique van Gaal
Mistig nevelwoud
De harde wind loeit als een dolle. Vanuit mijn kamerraam zie ik dikke wolken voorbij snellen. Ik ben aangekomen in het mistige nevelwoud van Monteverde, op een hoogte van zo’n 1400 meter. Een gebied vol wandelpaden in een keur aan natuurparken. Ik kies voor Reserva Curi Canche, vanwege de verscheidenheid aan habitats en de grote kans om op dieren te stuiten.



Foto: Monique van Gaal
Nagenieten doe ik in Café Colibri naast de Hummingbird Gallery. Buiten regent het inmiddels, maar onder het afdakje komen tal van kolibries op de opgehangen voerbakjes af. De kleurige vogeltjes met hun lange snavels schieten af en aan; zie daar maar eens een goede foto van te maken! Tijdens de Night Walk ontmoet ik een heel ander wezen: een enorme tarantula ligt prinsheerlijk te slapen in zijn holletje. De volgende dag is het tijd voor avontuur in Selvatura Park, waar ik middels acht hangbruggen en dertien ziplines het dichte bladerdak trotseer.



Foto: Monique van Gaal
Ware beestenboel
Van de bergen daal ik in een paar uur af naar Tárcoles aan de Pacifische kust. Gaandeweg mag ik er zo tien graden bijtellen; ik word weer omarmd door tropische temperaturen. Mini-vissersdorpjes als Tárcoles: ik ben er dol op. Een rommelig strand aan de monding van de gelijknamige rivier, bevolkt door een ware beestenboel: pelikanen, kaalkopooievaars, zwarte gieren, ara’s, leguanen en joekels van krabben. Niet ver hiervandaan ligt de beroemde krokodillenbrug. Menig (lokale) toerist parkeert hier de auto om vanaf de brug een kijkje in de diepte te nemen.



Foto: Monique van Gaal
Daar op de zandbanken liggen ze in grote getale: tot wel vier meter lange Amerikaanse krokodillen. Op mijn laatste dag breng ik een bezoek aan het bij vogelaars populaire Carara Nationaal Park. Behalve een hoop vogeltjes waar ik de naam niet van weet, noteer ik een wild hamerende helmspecht en een steevast rond mij heen sluipende coati (neusbeer die wel wat wegheeft van een wasbeer).


Foto: Monique van Gaal
Tekst en beeld: Monique van Gaal
Misschien vind je dit ook leuk:
- Genieten van ‘Pura Vida’ in het groene Costa Rica
- Wat te doen in Costa Rica? 5x dit mag je niet missen!
- Dit is de big 5 die je wilt spotten in Costa Rica
Handige websites voor je reis
Onder Redactie TripTalk vind je algemene berichten en berichten met nieuwswaarde die wij leuk vinden om te vermelden of jullie daarover te informeren.


