Atlastoppen

Marokko voor beginners: verdwalen, afdingen en verwonderen

In Marrakech rijden we spontaan naar een riad – een traditioneel Marokkaans hotel – vlak bij het grote plein Jemaa el-Fnaa. Mijn zoons van eenentwintig en zeventien wilden pertinent niet dat ik onze reis naar Marokko zou plannen, behalve dan de vluchten en de huurauto. ”Dat is zo saai, pap!”. Hier begint ons avontuur. Marrakech is niet bepaald een plek voor bange chauffeurs. Ook niet voor Google Maps. In feite is deze bruisende, kleurrijke stad helemáál geen plek voor toeristen in huurauto’s.

We rijden de stad binnen vanuit het zuidwesten via de brede ‘Avenue de Guemassa’. Vrachtwagens, bussen auto’s en scooters wisselen vrijelijk van rijbaan, maar dat is kinderspel vergeleken met wat nog komen gaat. Op een gegeven moment rijden we de medina binnen. Medina is Arabisch voor ‘stad’ of ‘dorp’, maar in dit geval verwijst het naar de oude, ommuurde en doolhofachtige wijken van Marrakech. Het verkeer is chaotisch. De straatjes worden steeds smaller en smaller. Iemand roept naar ons dat we niet verder moeten rijden, maar ik vertrouw Google Maps en rij gewoon door. Voor we het weten zitten we vast in een doodlopende straat zonder mogelijkheid om onze logge SUV te keren. Voorzichtig rijd ik achteruit. Mijn oudste zoon duwt een paar roestige vaten opzij zodat ik de auto kan draaien. Hij snijdt zijn hand, maar gelukkig heb ik mijn EHBO-setje mee. Omdat we nog ver verwijderd zijn van het hotel dat we op het oog hadden, proberen we een ander dat dichterbij lijkt. Parkeerplaatsen zijn schaars in de medina, maar een man wijst ons de weg naar een laatste vrije plek. We proberen naar het hotel te lopen, maar op een of andere manier lijkt dat altijd achter een ondoordringbare stadsmuur van zes meter hoog te liggen. Twee pogingen, één keer parkeergeld betalen, één gewonde, geen hotel. Ik word moe en duizelig, moest drie uur geleden al naar het toilet, maar het laatste restaurant had geen toiletpapier.

De tent ging failliet

Onze reis naar Marokko en Marrakech begon twee dagen geleden, maar eigenlijk al meer dan twintig jaar geleden. Rond de millenniumwisseling woonden mijn vrouw en ik in Berlijn Kreuzberg, naast het Görlitzer Park. Het restaurant direct onder ons appartement heette ‘Marrakech’. We hadden daar een paar keer lekker gegeten, het pand was mooi ingericht, de eigenaar een vriendelijke Marokkaan, maar de zaken liepen niet al te best. De tent ging failliet, de eigenaar haalde het grote rode naambord van de gevel en liet het in de kelder achter. Na een paar dagen pakte ik het, versierde onze woonkeuken ermee en elke keuken die we sindsdien hadden in Berlijn en daarna in Nederland. Jarenlang hebben mijn vrouw en ik, en later ook onze zoons, tijdens talloze maaltijden en social events naar dat iconische rode naambord gekeken. Nu zijn we eindelijk op de magische plek.

Ik besluit dat we ons geluk in een andere , wat rustigere wijk moeten beproeven. Eenmaal daar aangekomen, blijken we nog steeds in de bruisende medina te zitten. Als iemand aangeeft dat we niet verder kunnen rijden, luister ik wel en parkeer de auto op een pleintje met kleine restaurantjes en dampende grills. Te voet raken we al snel verdwaald in de kronkelende straatjes. Nu hebben we geen hotel, geen auto en geen bagage, omdat ik vergeten ben de locatie te noteren. Dit loopt niet helemaal zoals ik me onze grootse entree in Marrakech na al die jaren had voorgesteld.

Foto: Bjorn Gianotten

Wel afdingen

Een vriendelijke Marokkaan biedt aan ons naar hotel ‘Dar Habache’ te brengen, maar moet eerst ook rondvragen voordat hij het vindt. Achteraf blijkt dat we er pal voor stonden, maar het niet herkenden omdat een naambordje ontbrak. Niemand doet de deur open. We maken een praatje met de jongeman. Hij heet Said, is drieëntwintig en heeft één kind. Na enige tijd komen de mensen van het hotel aanslenteren. We geven Said 40 dirham voor zijn hulp (ongeveer 4 euro), maar hij wil minstens honderd. ”Ik heb een gezin, weet je nog.” Ik begin te snappen hoe dit werkt. Met de hoteleigenaar komen we een prijs overeen. Maar nu nog de auto. De ingang van de straat is zo smal dat we de spiegels van de SUV inklappen om erin te rijden. We kieperen de koffers in ons appartement, maken een snelle toiletpauze en gaan dan de stad verkennen.

Twee dagen eerder begint de Marokko-reis echt. We komen ’s avonds laat aan in Agadir. Een vooraf gereserveerde taxi brengt ons naar het hotel. Brede, moderne snelwegen doen me denken aan Abu Dhabi, terwijl de kleine witte en rode knipperende lampjes langs de weg me aan Kerstmis herinneren maar het is april. De lucht is zwaar van de zeemist. Voordat we de stadsgrenzen bereiken, passeren we de eerste politiecontrole, een van de vele. Politieagenten met indrukwekkende uniformen en petten wuiven ons door, zoals meestal het geval zal zijn.

Foto: Bjorn Gianotten

Kruidige omeletten

Ons hotel, ‘Residence Yasmina Agadir’, heeft een Franse jaren-dertig-uitstraling met een bruggetje als ingang, prachtige felblauwe Marokkaanse tegels en houten panelen in de receptie en kamers met hoge plafonds. Ik vind het altijd leuk om ’s ochtends te ontdekken waar je ’s nachts terechtgekomen bent. Zo ook deze keer. Vanaf ons balkon kijken we uit op de Royal Agadir Tennis Club, het Grand Theatre Agadir, enkele palmbomen en een stukje van de Atlantische Oceaan. Meeuwen en duiven scheren voorbij. De combinatie doet me instinctief denken aan mijn oom en mijn neef die vroeger de tennisclub naast het Hotel Intercontinental in Rio de Janeiro runden.

We ontbijten in een klein restaurantje, met kruidige omeletten, brood en verse muntthee. De ober schenkt de thee driemaal vanuit de hoogte in het glas en vervolgens weer terug in het potje. Mijn oudste zoon weet waarom. Het symboliseert een reis van vriendschap en leven, waarbij elke ronde sterker wordt en een aparte betekenis heeft. Het eerste glas is zo zacht als het leven. Het tweede is zo sterk als liefde. Het derde bitter als de dood. Naderhand ontdek ik dat de gewoonte ook bedoeld is om de thee te beluchten, waardoor een ”ademtocht” van zuurstof ontstaat die een schuimige top en een volle muntsmaak ontwikkelt.

Verkoop van papieren zakdoekjes

Net als de eerste theeronde, zijn wij de eerste dag ook zacht voor onszelf en doen het rustig aan. Eerst bezoeken we Souk El Had. Mijn zoons kopen Marokkaanse voetbalshirts en vooral voor de jongste is het afdingen een nieuwe ervaring. De oudste heeft hier in zijn tussenjaar in Azië al ervaring mee opgedaan. De souk is groot met verschillende afdelingen voor groenten, fruit, kruiden, kleding, huishoudelijke artikelen, parfums en een vleesafdeling met koeienkoppen die aan haken hangen. Mensen in rolstoelen en blinden verkopen papieren zakdoekjes en verdienen zo hun kostje bij elkaar.

Daarna lonkt het strand. De mannen en jongens voetballen vooral. Vrouwen en meisjes blijven onder elkaar. Sommigen dragen lange gewaden, anderen badpakken of zelf bikini’s. We komen er al lezend achter dat Marokko als constitutionele monarchie weliswaar gematigder en toeristischer is dan veel Golfstaten, maar op sociaal en religieus gebied een iets strengere wetgeving heeft dan Tunesië. Het land met zo’n 38 miljoen inwoners is stabiel, heeft een unieke culturele mix van Arabisch en Amazigh (Berber). De islam is de staatsgodsdienst, maar Marokko is relatief tolerant ten opzichte van andere geloven. Het land heeft een goede reputatie zowel binnen als buiten de Arabische wereld.  

Foto: Bjorn Gianotten

Agadir voelt ontspannen aan

Als lunch eten we een eenvoudige maar smakelijke shoarma met salade. Bij het diner overeten we ons met brood, olijven en salade vooraf en hoofdgerechten met veel vlees. Als we naar het hotel lopen, bedelt een gezin met kleine kinderen om geld. We geven wat, maar ik besef dat het in geen verhouding staat tot onze pompeuze maaltijd.

Al met al vind ik Agadir ontspannen. De stad en het klimaat doen ons denken aan de Canarische Eilanden. De volgende ochtend halen we onze huurauto op, een degelijke SUV, en rijden de 250 kilometer naar Marrakech. We besluiten de grote tolweg die via Marrakech naar Casablanca loopt letterlijk links te laten liggen en nemen provinciale wegen. Het landschap heeft wel iets van de Spaanse Meseta Central met hier en daar wat bomen verspreid over gele, dorre heuvels. Mijn jongste zoon is de eerste die sneeuw ziet op het Atlasgebergte. We passeren een dam en een stuwmeer en merken dat het kouder en winderiger wordt. Gek genoeg had ik Marokko alleen maar met warm weer geassocieerd. In Imintanout, in de provincie Chichaoua, stoppen we voor lunch. Was Agadir nog een beetje toeristisch, dit stadje is honderd procent Marokkaans. Ik eet mijn eerste tajine, een Marokkaanse stoofpot met kip en groenten die langzaam gaart in een aardewerken pot. Daarna wordt het landschap steeds groener, met eindeloze wegen tot aan de horizon. En dan naderen we Marrakech.

Foto: Bjorn Gianotten

Overal ruik je van alles

Deze ‘rode stad’ of koningsstad voelt aan als één grote medina. Al je zintuigen worden voortdurend op alle mogelijke manieren geprikkeld. Het is kleurrijk, lawaaierig, en overal ruik je van alles. Iedere straat staat vol met kleine winkeltjes die specerijen, kruiden, parfums, kleding, verse fruitsappen en groenten verkopen, naast bakkerijen, reparatiewerkplaatsen, slagers, visverkopers, souvenirwinkels, kleine restaurantjes en wat al niet meer.

Ik sta er versteld van hoe voetgangers, fietsers die met één hand telefoneren, scooterrijders die hun lading in evenwicht houden, Marokkaanse tuktuks, mensen met ezelskarren en handkarren, kinderen, straatkatten en -honden elkaar in beide richtingen passeren. De smalle straatjes zijn vaak niet breder dan een paar meter. Het lijkt alsof er permanent een enorm ongeluk staat te gebeuren, maar het gebeurt niet. Het is als een continu stromende caleidoscoop. Na een tijdje raak ik er enigszins aan gewend. Ik vermoed dat de enige ongelukken worden veroorzaakt door toeristen die niet met de stroom meebewegen en abrupt midden in een straatje stil gaan staan.

We eten op het pleintje vlak bij ons hotel, waar je voor vijfentwintig dirham een vast menu krijgt met vleesrolletjes, brood, fijngesneden tomaat, uien, peterselie en wat sauzen. We slenteren nog wat rond en proeven van heerlijke, zoete gebakjes.

De volgende ochtend sta ik voor mijn zoons op en koop ik wat shampoo bij een klein winkeltje op het pleintje. Het geheel maakt nu een andere indruk. De stad wordt net wakker. De eerste winkeltjes gaan open en groenteverkopers beginnen hun waren op te stapelen. Het ontbijt wordt op het dak van het hotel geserveerd. Crêpes, chocolade croissants, brood, boter, honing, jam, koffie met melk of thee. Eenvoudig. Lekker.

Foto: Bjorn Gianotten

Dat is toerisme

Langzamerhand begin ik de Marokkaanse architectuur, vormen en kleuren waar te nemen en te waarderen. Zelfs in ons eenvoudige appartement zonder ramen zijn alle muren en plafonds versierd. Het lampje in mijn slaapkamer schijnt door rood, oranje, groen en blauw glas.

We bezoeken de Ben Youssef-Madrasa, ooit het grootste islamitische college in de Maghreb. In Nederland en België kennen we de term ‘Maghreb’ vooral voor alle Noord-Afrikaanse landen, maar het betekent letterlijk ‘westen’ en is daarom een andere naam voor Marokko dat vanuit een Arabische point of view in het Westen ligt. Het gebouw met al zijn Arabische inscripties is prachtig. Het zit vol met toeristen. Zoals ik al zo vaak heb gedaan, realiseer ik me opnieuw dat het grappig is om te zien hoe iedereen hier is om precies hetzelfde te bekijken en precies dezelfde foto’s te maken. Ik ben geen uitzondering. Dat is toerisme.

In de rij voor het toilet, zie ik dat je wat muntjes aan een vrouw moet geven in ruil voor een paar velletjes toiletpapier. Ik geef tien dirham, blijkbaar wat meer dan alle anderen, want ik krijg een hele rol. Een oude man in een gewaad wijst mensen naar het eerstvolgende beschikbare toilet. Hij laat de toerist die achter mij staat voor gaan. De man is dolblij met zijn voorkeursbehandeling. Dan wijst de oude man me naar het volgende vrije toilet en vertelt me met een brede grijns dat dat het echte toilet is, niet het gat in de vloer.

Foto: TripTalk

Toevallige ontmoetingen in scène gezet

Terug in de medina vertelt een voorbijganger ons dat alleen vandaag, zaterdag, de Berber-leermarkt open is. Een vrouw die toevallig langs loopt, brengt ons wel even naar de coöperatieve leerlooierij. Ze moet toch die kant op. Bij aankomst krijgen we verse munt tegen de stank, waarna een korte rondleiding volgt. Boeiend. Ik besef dat dit zwaar lichamelijk werk is. Daarna worden we naar de winkel geleid, waar we ons leren poefen, jassen, schoenen en riemen in alle kleuren en maten getoond worden. Onze reis begint net. We willen niets kopen en bieden de meneer wat dirhams voor zijn moeite aan, maar hij wil driehonderd hebben. Ik protesteer, bied maximaal de helft aan, maar mijn zoons vinden het gênant, dus ik betaal. Nu begin ik me een beetje te ergeren. Ik zie in dat alle toevallige ontmoetingen in scène zijn gezet om je ergens naar binnen te halen. Mijn zoons en ik spreken af geen geld meer uit te geven aan ongevraagde diensten en geen aanbiedingen meer te accepteren voordat we naar een mogelijke prijs gevraagd hebben.

Ik laat mijn jongens ook wat dingen uitzoeken om te bekijken. Ze komen met ‘Jardin Majorelle’, een prachtige botanische tuin. We lopen erheen, passeren een gewone markt – die had ik niet verwacht net naast de medina – maar bij aankomst zien we een lange rij en blijkt dat kaartjes uitverkocht zijn. Als alternatief bezoeken we de ‘Le Jardin Secret’ in de medina – ook prachtig en zeer rustgevend, als een soort oase midden in de bruisende oude stad. Voor de lunch gaan we weer terug naar “ons” pleintje en bestellen opnieuw een lekkere maaltijd bij hetzelfde tentje van de vorige dag. Mijn zoons nemen aansluitend een knipbeurt in een van de vele barbershops, zogezien een echte “local experience”.

Foto: Bjorn Gianotten

‘Mister Moustache’

’s Avonds bezoeken we dan eindelijk Jemaa el-Fnaa, het beroemde grote plein. Op weg erheen wandelen we door een deel van de medina met bredere straten en keurig onderhouden winkels en zonder scooters en ezelskarren. Het Jemaa el-Fnaa-plein is gigantisch. Na de besloten medina is het voor de afwisseling fijn om de nachtelijke hemel te kunnen zien. We slenteren naar de Argana-moskee en zien zijn indrukwekkende toren. Op de terugweg passeren we talloze straat restaurants met nummers die naar verluidt iedere avond opgezet en weer afgebroken worden. Bij ieder restaurant staan mannen potentiële klanten fanatiek binnen te halen. Ze richten zich allemaal op mijn oudste zoon en spreken hem aan met ‘mister moustache’. Als we een restaurant uitkiezen, zingen de medewerkers een liedje. Het is wel grappig, maar al lachend worden we voor 800 dirham afgezet voor een middelmatige maaltijd. Nu zijn we allemaal een beetje gefrustreerd, maar ik zeg mijn zoons dat dit ons leergeld was en dat we nu onze spoedcursus in Marokkaans onderhandelen hebben afgerond. We vinden een van de weinige rooftop bars die alcohol schenkt en betalen 80 dirham voor een koel Casablanca biertje. Het smaakt goed en we vinden het prima, omdat we van tevoren weten waarvoor we betalen.

Foto: Bjorn Gianotten

Praktische details
We vlogen met Ryanair vanaf Brussels South Charleroi Airport (CRL) naar Agadir Al-Massira International Airport (AGA) en huurden onze auto bij Sunny Cars. Op de luchthaven van Agadir kochten we e-simkaarten voor 10 euro per stuk. Een enkel hotel reserveerden we onderweg via Booking.com, maar de meeste accommodaties en andere reiscomponenten boekten we direct ter plaatse bij de eigenaars.

Tekst: Bjorn Bianotten
Beeld: Bjorn Gianotten
en zijn zonen Lasse en Bruno

Dit vind je misschien ook leuk:

Handige websites voor je reis

Zoek en boek voordelige vliegtickets bij TUI ➡️
Zoek en boek voordelige vliegtickets bij KLM ➡️
Zoek een leuk hotel of accommodatie ➡️
Huur alvast een all-inclusive auto ➡️
Voordelige treintickets naar leuke steden, al vanaf € 35 ➡️
Check Transavia vliegtickets inclusief accommodatie ➡️
Snel even weg? Zoek de beste last minute vakanties bij TUI ➡️

Deel dit blog

Gerelateerde reisblogs

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven