Na een mooie roadtrip van Agadir naar Marrakech, is het tijd voor onze reis naar de Sahara. Voordat we vanuit Koningsstad Marrakech naar Ouarzazate vertrekken, koop ik tien liter water en wat koekjes voor onderweg in de medina. Ik zet mijn tropenhoed op die me in de Amazone en op vele andere reizen heeft vergezeld. Op de een of andere manier begint de echte reis voor mij hier en nu.
Als we de stad uit zijn, zien we eerst veel vlinders de weg over vliegen. De kronkelige weg voert steeds hoger de Atlasbergen in. We passeren regelmatig steenlawines waar de weg omheen geleid is. Mannen en jongens staan langs de weg en bieden robijnrode en paarse kristallen aan. Bij kraampjes langs de weg liggen verder talloze fossielen uitgestald. Het terrein is verlaten, maar toch is het moeilijk een plek te vinden om te stoppen zonder dat iemand je iets aanbiedt. Bij de Tizi n’Tichka-pas, het hoogste punt van deze route door de Atlas, hebben we fantastische uitzichten en zien in de verte opnieuw de met sneeuw bedekte bergtoppen. Na onze afdaling krijgen we een eerste indruk van het rotsachtige deel van de Sahara.



Eten wat de pot schaft
Het Atlasgebergte verdeelt Marokko in verschillende klimaatzones. De noordkust en de Atlantische vlakten hebben een mediterraan klimaat. Het Atlasgebergte zelf heeft een uitgesproken bergklimaat met koude winters en sneeuw. Nu rijden we het dorre woestijnklimaat in dat het hele zuidoosten van Marokko beheerst. Soms steken we een rivier of een droge rivierbedding over. In Marokko heet dat ‘oued’, in het Arabisch ‘wadi’. Een hele tijd loopt onze weg ook langs een rivier. We stoppen bij een klein en verlaten wegrestaurantje en eten wat de pot schaft: Berber-omelet en brood. Terwijl ik een wandelingetje maak, zie ik een paar rode stenen die lijken op de stenen die langs de weg worden verkocht. Ook een hond met puppy’s, net iets ouder dan die we thuis hebben. De restauranteigenaar legt me het woord ‘talmirt’ uit. Ik dacht dat het zoiets als vaarwel of goede reis betekent in het Tamazight. Later zoek ik het op en zie ik dat het bedankt betekent. De man was hoe dan ook erg vriendelijk en de sereniteit van de plek maakt indruk op me.


Een bon gepakt
Even later houdt de politie me aan. De agent vraagt me hoeveel overtredingen ik tot nu toe in Marokko heb begaan. “Geen een” antwoord ik. “Nou, dit is je eerste”, antwoordt hij. Het blijkt dat ik zeventig reed waar zestig is toegestaan. De politieagent is vriendelijk en spreekt goed Engels. Ik betaal hem honderdvijftig dirham en er wordt netjes een bon uitgeschreven.
Onze volgende stop is Aït Ben Haddou, een historische ighrem of ksar (een versterkt dorp) langs de rivier de Ounila en de voormalige karavaanroute tussen Marrakech en de Sahara. Het dorp is net als de medina van Marrakech uitgeroepen tot UNESCO-werelderfgoed en diende door de jaren heen als locatie voor talloze films en series, zoals Lawrence of Arabia, Jesus of Nazareth, Jewel of the Nile, Gladiator, Game of Thrones. Als je in de buurt bent, moet je er zeker heen gaan om het te zien, maar mijn zoons en ik lopen er even rond en vertrekken dan weer. Overal langs de weg, vanaf de hoofdweg tot aan de top van de heuvel, worden souvenirs verkocht. Als we naar onze auto teruglopen, klinkt een van de vijf dagelijkse gebedsoproepen vanuit de moskee.



Alcohol is moeilijk te vinden
In het nabijgelegen oasestadje Ouarzazate boeken we het eenvoudige en goedkope ‘Hotel Iazar’ en eten een flinke schotel rijst met kip en Marokkaanse salade als laat avondmaal. De volgende ochtend stoppen we bij de Carrefour-supermarkt om ontbijt, fruit voor onderweg en een treetje Portugees Sagres-bier voor de komende dagen in te slaan. Alcohol is moeilijk te vinden in Marokko. We bezoeken Kasbah Taourirt, een historisch versterkt wooncomplex, voordat we verder naar het oosten de Sahara in trekken.



We maken een kleine omweg om de Todra-kloof te bekijken. Onderweg volg je de rivier en zie je veel palmbomen. In de kloof zelf is het druk met toeristen en langs de hele wandelroute worden souvenirs en drankjes verkocht. De steile rotswanden die aan beide kanten hoog boven je uittorenen, zijn niettemin indrukwekkend. Ik koop wat koffie omdat ik me realiseer dat ik die vandaag nog helemaal niet heb gehad. Mijn jongens kopen keffiyehs of sjaaltjes en kiezen voor zwarte en blauwe patronen uit solidariteit met Palestina. Sommige mensen lopen rond in klimuitrusting om de kloof te beklimmen via een Via Ferrata – een beveiligde klimroute met vaste staalkabels en sporten, die ook door mensen met beperkte ervaring kan worden beklommen.



Alles rammelt in de auto
We komen vrij laat aan in het woestijndorp Merzouga en eten eerst een lichte maaltijd. Onderweg hebben we het ‘Erg Chebbi Dunes Desert Camp’ geboekt, vernoemd naar de beroemde wandelende zandduinen. Het was nogal goedkoop. Met behulp van Google Maps proberen we het kamp te vinden. We slaan van de hoofdweg af, rijden tussen wat lemen hutten door en beginnen dan vrijuit over een wasbordvlakte te rijden. Het wordt donker. Alles rammelt in de auto. Ik leg mijn jongens uit dat je een bepaalde snelheid moet aanhouden om soepel over de toppen van het wasbord te glijden net zoals mijn vader me dat ooit in Patagonië leerde.



Het is leuk, maar op een gegeven moment beseffen we dat dit nergens toe leidt. We zien een man lopen, vragen hem om hulp en bellen het kamp. Het blijkt dat we het bericht gemist hebben waarin je kiest hoe je aankomt en vertrekt: met een 4×4, kameel, quad of een combinatie daarvan, uiteraard allemaal tegen extra betaling. We worden doorverwezen naar ‘Kasbah Berger’ waar we onze auto parkeren en overstappen op een 4×4. Als ik mijn gordel om doe, stelt de chauffeur voor dat niet te doen. “Travel in Sahara style”. We zijn net op tijd voor het diner in de hoofdtent met enkele andere gasten.


Muntthee en Marokkaans gebak
Het tweede kamp, genaamd ‘Merzouga Heart Camp’, is iets duurder. De opzet is hetzelfde, maar alles is net iets mooier en beter. We worden ontvangen met muntthee en een etagère met Marokkaans gebak, pinda’s en snoepjes. We maken een tweede, langere wandeling en gaan naar de hoogste zandduin in zicht. Mijn zoons dragen hun keffiyehs en ik mijn geliefde tropenhoed. We maken selfies en hebben enorme lol. Ik vind dit deel van onze reis erg leuk. De woestijn is een van de dingen die ik mijn zoons wilde laten zien. Net zoals ik op die leeftijd ooit met mijn vader de woestijn in Algerije en Tunesië bezocht. Ik neem veel water mee en zorg ervoor dat we een herkenningspunt in de verte hebben om de weg terug te vinden.



De rest van de dag doen we het rustig aan en genieten van de woestijnhitte en ontspannen sfeer. Ik vind het prachtig om te zien hoe onze Berbergids naar de maan kijkt en innerlijke rust uit lijkt te stralen. Als we terugkomen, haalt hij wat souvenirs uit zijn buidel en presenteert ze in het woestijnzand. We kopen een klein versierd glazen flesje om zand in te doen, een koelkastmagneet en een mini-potje van steen. We willen ze niet echt, maar ik vind deze man op de een of andere manier erg sympathiek en gun het hem van harte.



Buiten zijn, samen zijn en plezier maken
Het diner is heerlijk. Salade, brood, olijven, een tajine met aubergine en kaas, een andere met kip en een mooi versierd toetje dat op Spaanse flan lijkt. Daarna verzamelen alle zes medewerkers zich bij het kampvuur om muziek te maken: de kampmanager, de koks en de chauffeurs. Iedereen wordt gevraagd mee te dansen en later worden we uitgenodigd om zelf de instrumenten te bespelen. Meerdere trommels, djembes en metalen castagnetten die hier craqebs heten. Natuurlijk realiseer ik me dat het een beetje een show is, maar ik zie tegelijk dat de mannen er echt plezier in hebben en dat dit dicht bij hun eigen leven staat. Ik besef dat dit is waar het leven om draait. Buiten zijn, samen zijn, plezier maken, echte ervaringen opdoen. We maken een kleine nachtwandeling voordat we naar onze tent gaan.



Adrenalinekick
De volgende ochtend rijden we terug op quads. Ik had het niet verwacht, maar ik moet toegeven dat het een behoorlijke adrenalinekick is. Onze bagage wordt per auto vervoerd. We vertrekken wat later dan beloofd, maar ik besef dat het een behoorlijke logistieke uitdaging moet zijn om de kamelen, quads, auto’s en mensen allemaal op het juiste moment op de juiste plaats te krijgen.
Vandaag rijden we terug richting kust en passeren een verscheidenheid aan landschappen, variërend van Serengeti-achtige vergezichten tot Mordor-achtige kale maanlandschappen en prachtige groene valleien. Op deze route ten zuidwesten van het Atlasgebergte, komen we veel meer motorrijders tegen en juist veel minder politiecontroles dan op de heenweg. In een klein langgerekt wegdorpje rijdt de auto voor me ontzettend langzaam en aarzelend. Ik ben ongeduldig en haal over de doorgetrokken streep in, vlak voor een politiecontrolepost die ik nog niet gespot had. De politieagenten houden me aan, vertellen dat de boete vierhonderd dirham is, maar laten me dan toch doorrijden. Buiten het stadje komen we dezelfde trage auto weer tegen en nu pas zie ik dat het een lesauto is. We bespreken wat mensen hier tijdens rijlessen leren. Het moet heel anders zijn dan in Nederland.


Gevaarlijk rijden in het donker
Het volgende deel van de route is ontzettend groen en prachtig in het gouden uur van de ondergaande zon. Er was ons aangeraden om halverwege de route in de plaats Agdz te overnachten, maar we willen zien hoe ver we richting de kust kunnen komen. Ik rijd een tijdje in de schemering als uit het niets een hond nonchalant de weg oversteekt. Ik rem en wijk naar rechts uit en mis het dier maar net. Ik had het advies gelezen om niet in het donker te rijden. Nu ervaar ik zelf waarom. De tweebaansweg waar de maximumsnelheid 100 km/u is, wordt ook nu nog gebruikt door brommers, fietsers zonder verlichting, ezelskarren en voetgangers. Kuddes schapen en geiten slenteren vrijelijk langs de weg. Aan de rand van het asfalt zijn vaak diepe kuilen en tegemoetkomende auto’s en vrachtwagens wijken nauwelijks uit en houden hun grootlicht permanent aan. Degenen die de weg op of af slaan, gebruiken geen knipperlicht. Ik realiseer me wederom dat het concept van verkeer hier, net als in de medina van Marrakech, fundamenteel verschilt van wat ik ken. Als je bijvoorbeeld een rotonde neemt, volg je niet de rijstroken, maar de kortste route. Een soort Wu Wei-principe uit het taoïsme dat uitlegt hoe water over rotsen stroomt. Op de eerste dag van de reis gaf ik mijn beide zoons hun eigen versie van ‘The Tao of Pooh’, mijn favoriete boek aller tijden waarin het taoïsme wordt uitgelegd aan de hand van Winnie de Poeh en vice versa…



Soms mis je dingen
Na een half uur besluit ik dat dit zo niet verder gaat en dat we een hotel moeten zoeken. We komen terecht in de provinciehoofdstad Taroudant en verblijven in de medina in het onlangs geopende ‘Palais Taroudant’. De volgende ochtend ontbijten we op het dakterras met uitzicht over de stad. Mijn jongste zoon krijgt zwarte koffie. Ik weet dat hij er graag wat melk bij heeft en merk op dat hij de eigenaar erom kan vragen. Hij zegt dat het zo goed is. Ik dring aan omdat ik denk dat hij te verlegen is. Hij zegt: “Pap, soms moet je de dingen gewoon laten gebeuren.” Hij heeft dat stukje net in ‘The Tao of Pooh’ gelezen. Wauw, touché. Je moet de meester herkennen als je hem tegenkomt.



Achteraf gezien had ik graag wat tijd in de bergen doorgebracht, maar dat is niet erg. Ik heb lang geleden geaccepteerd dat als je reist zoals wij nu doen, je spontane ervaringen hebt, maar ook dingen mist. Soms kom je terug en krijg je een tweede kans. Soms niet.
Tekst: Bjorn Gianotten
Beeld: Bjorn Gianotten en zijn zonen Lasse en Bruno
Handige websites voor je reis
Onder Redactie TripTalk vind je algemene berichten en berichten met nieuwswaarde die wij leuk vinden om te vermelden of jullie daarover te informeren.


